Sla navigatie over
Directe navigatie naar
Navigatie op deze pagina
Links onderaan deze pagina
De sitemap



 
KWISVoxx StemmenTwitterfacebookDiscussieer meeDe ochtendVandaagNieuwsbriefmeteen mee-cd
 

Geert Vermaercke leest

Geert Vermaercke leest: 'Nagelaten dagen' van Marga Minco

 

Je, alweer een boek over WOII. Hoe komt het toch dat ik daar zo door wordt aangetrokken?
Komt het door mijn grootvader en mijn ouders die er me veel over vertelden? Komt het door mijn passie voor waar gebeurde verhalen met een historische inslag? WOII zit boordevol verhalen; 'les extrèmes se touchaient', goed en kwaad, schoon en lelijk. En je leert ook altijd bij: weet jij bvb. wat ‘bewariërs' waren? Wie 'Grandma Moses' was? En dat er ten tijde van de mobilisatie in Gurs in het Zuiden van Frankrijk een concentratiekamp voor Duitsers was?
Je moet het maar 's allemaal opzoeken. Ik ken het antwoord dank zij Marga Minco en haar Nagelaten Dagen.

Het was tijdens mijn opleiding als producer dat ik Marga Minco leerde kennen, een Nederlandse schrijfster van joodse origine, die in ons land veel te weinig bekend is. Onze stagebegeleider was toen - en ik prijs me er nu nog altijd gelukkig om - Bob De Groof. Hij gaf aan ieder van ons de novelle 'De Glazen Brug' van Marga Minco, waarin ze haar eigen onderduikverhaal vertelt. Tijdens de oorlog worden haar ouders, broer en zus weggevoerd en is zij de enige overlevende, want ze weet aan de arrestatie te ontsnappen en de rest van de oorlog onder te duiken. 'De Glazen Brug' was toen net uit en Bob vroeg ons wat we ermee als radioproducer zouden aanvangen. Een interview met de schrijfster telde niet mee, dat was te eenvoudig.Ik heb toen een onderduikverhaal opgenomen van de moeder van een vriendin van mij, een Poolse vluchtelinge die tijdens WOII via Duitsland ons land was binnengeraakt. Ook al weer een heel boeiend verhaal.
Maar goed. Bij het overlopen van mijn boekenkast, op zoek naar enkele nog ongelezen boeken om mee te nemen op vakantie, stuitte ik op Marga Minco. 3 boeken stonden er: het al wat verbleekte 'De Glazen Brug', naast 'Het Bittere Kruid' (haar debuut en meteen ook bekendste boek) en 'Nagelaten dagen'. Ik nam 'Het Bittere Kruid' en 'Nagelaten Dagen' mee. 'Het Bittere Kruid' had ik al gelezen, onmiddellijk na 'De Glazen Brug'. Maar ik wou het nog 's doornemen, en dat bleek ook verstandig want 'Nagelaten dagen' bleek wat de verhaallijn betreft, niet zo eenvoudig. De schrijfstijl van Minco mag dan uiterst sober zijn, bijna stoicijns zelfs en dus zeer vlot leesbaar, maar dit boek wemelt van de flashbacks en de flashforwards en houdt dus geen rekening met een chronologische lijn. Daarom was het goed 'De Glazen Brug' nog even te lezen om opnieuw op de hoogte te zijn van het concrete verhaal en de namen die daarin een rol speelden.
In 'Nagelaten Dagen' vertelt ze over de tijd onmiddellijk na WOII toen overlevende joodse mensen op zoek gingen naar nieuws over verdwenen familieleden. Toen de joden in Nederland opgepakt werden - in andere landen zal het wellicht niet anders geweest zijn -
lieten ze hun dure en andere spullen met emotionele waarde achter bij buren of niet-joden die ze te vriend hadden. Dat noemden ze de ‘bewariërs'. Maar toen de overlevenden hun eigendommen of die van hun familie kwamen terugvragen, bleek alles verkocht of ‘verloren' of wisten die bewariërs nergens meer van.
Marga Minco weet toch - op vraag van een schoonzuster (Eva) die ze toevallig op het spoor komt - nog 1 ding te redden, een blauwe kom.
De rest moet je zelf maar lezen.

 

 

Geert Vermaercke leest (of hoort) 'Het jaar van de kreeft' van Hugo Claus.

Ja, ik weet het, die 'Zondvloed' geraakt maar niet uitgelezen. Ook geen makkelijk boek hoor!
Enfin, later meer daarover. Ondertussen zou ik hier een lans willen breken - zeker voor ‘luie lezers' het gedroomde alternatief - voor een ‘audiofilm'; dat is eigenlijk een luister- of hoorspel, maar wellicht klinken die termen te ouderwets voor nieuwe oren. Let wel, een audiofilm is geen ‘luisterboek', dus geen voorgelezen roman. Het is wel een gedramatiseerde vertelling gebaseerd op een roman: met verschillende stemmen, geluiden, muziek.
De audiofilm die ik beluisterd heb is "Het Jaar van de Kreeft", een adaptatie van de gelijknamige roman van Hugo Claus uit de vroege jaren '70. Het is een product van Het Geluidshuis, met de stemmen van o.a. Stefan Perceval, Bas Teeken, Katelijne Verbeke, Gilda De Bal en Katelijne Damen.
Ik heb de audiofilm beluisterd tijdens mijn rit naar het werk; paste perfect: een kleine 80'.
Het voordeel is dus dat je een roman kunt ‘lezen' terwijl je aan het rijden bent! En meer dan een echte film wordt je fantasie geprikkeld. Wel iets minder natuurlijk dan door het boek zelf, dat blijft nog altijd de hoogste prikkelaar; daar moet je de stemmen zelf invullen, moet je er de geluiden zelf bij bedenken (het gehijg van kapster Toni tijdens de vele vrijscenes bvb.! Maar dat van actrice Abke Haring in de audiofilm valt best mee).
Dus voor wie 'Het Jaar van de Kreeft' (of het geromantiseerde verhaal van de relatie van Claus met Kitty Courbois) al gelezen heeft, is deze audiofilm een leuke manier om de eigen fantasie te vergelijken met die van de acteurs en de bewerkers. En voor wie de roman nog niet gelezen heeft, kan het zeker een stimulans zijn om het echte werk tot zich te nemen. Want hoe je het ook draait of keert: het boek is altijd beter!

 

 

Geert Vermaercke (producer Dubbelcheck, Moshi, Friedl') leest: 'Beminde Ongelovigen' van Anne Provoost

 Ik weet het, ik zou jullie verder moeten onderhouden over mijn leeservaring van de Indië-trilogie van Jeroen Brouwers. Maar ik lees veel boeken tegelijk en er is trouwens eerst een leuk voorval te vertellen dat verband houden met deze blog en hoe die niet enkel leesgierigen, maar ook atheïsten samenbrengt!
Laatst was ik voor de Brievenrubriek van Moshi op bezoek bij Anne Provoost, je weet wel, de auteur van oa Vallen. Ze heeft een prachtige brief geschreven aan Gregory Frateur, de opmerkelijke zanger van Dez Mona. Luisteren dus naar Moshi!
Anne bood me eerst een kopje koffie aan en we geraakten in gesprek, ondermeer over het samenleven met verschillende culturen in onze maatschappij. Toen zei Anne plots: "Geert jij bent atheist hé?" "Euh ja", zei ik "hoe weet je dat?"
"Ik moet dat ergens gelezen hebben," zei ze, "heb je niet ergens een interview gegeven of zo?"
Ik moest lachen, ik ben maar een eenvoudige kracht achter de schermen van de radio en die mensen worden zelden of nooit geïnterviewd.
"Wacht even" zei ze, en ze stapte naar haar bureau. Ze kwam terug met een boekje en gaf me dat cadeau: "Beminde ongelovigen. Atheistisch sermoen. Anne Provoost. Querido 2008"
Ondertussen viel me te binnen hoe Anne wist dat ik atheist was. Door deze blog! Een tijd geleden heb ik hier mijn leeservaring neergepend over het boek "De Bril van God". Daar moet ze het vandaan hebben gehaald!
Het boekje van Anne is een pamflet om atheïsten weerbaarder te maken binnen de renaissance of de nieuwe opmars van de godsdiensten. Er zijn al veel geleerde atheistische boeken verschenen van auteurs als Richard Dawkins, Sam Harris en vele anderen die op gezag van de huidige wetenschap en filosofie een bewijs leveren van het ongerijmde van godsdiensten en het bestaan van een god.
Maar volgens Anne moeten we af van die welles-nietes discussie en bredere argumenten vinden die ons a- of anti-geloof kunnen sterken.
"Doeltreffender lijkt het mij me af te vragen of er iets is wat we tegenover die god kunnen zetten. Wat hebben atheïsten in de aanbieding, hoe zetten wij ons gedachtengoed op de agenda".
"Er is een behoefte aan een atheïstische missie, een stappenplan van het niet-geloof. We moeten een herstelprogramma opzetten met als eerste streefdoel: we laten met meer vastbeslotenheid onaangeroerd wat we toch niet kunnen bevatten."
Eerst moeten we voor onszelf uitmaken in welke graad we gelovig zijn of niet. Daarom heeft ze in het pamflet een ‘religiometer' opgesteld van 10 graden, waarbij de Eerste Graad totale a-religie inhoudt en de Tiende Graad de totale ‘fundamentalistische' overgave aan een godsdienst.
Op het einde van het pamflet schrijft ze haar missie neer. Enkele citaten:
-De atheist kijkt neutraler naar het onkenbare. Hij verwacht niet voorbij de grens van zijn bevattingsvermogen een troostende extramateriële entiteit te vinden. Hij voelt geen behoefte om tegenover zijn feilbaarheid een onfeilbare macht te zetten.
-Zijn troost en hoop put hij uit de verwachting dat hij aan de grens kan morrelen, kleine upgrades kan verwerven door zijn kennis en inzicht steeds verder te ontwikkelen, en uit de verwachting dat hij op die manier altijd weer terrein kan winnen.
Provoost wil ook ‘religieuse' termen recupereren en reclameren: troost, heil, redding, opoffering, barmhartigheid, bezinning, zelfs schepping. Die woorden kunnen atheïsten net zo goed gebruiken. En dan legt ze uit hoe we dat kunnen doen.
Een onmisbaar boek voor alle atheïsten of mensen die bereid zijn na te denken over geloof en religie.

 

Geert Vermaercke (producer Dubbelcheck, Moshi, Friedl') leest 'Bezonken rood' van Jeroen Brouwers.

Zoals beloofd: Bezonken Rood, het 2de deel van Brouwers' Indië-trilogie. Ook heel kort, 102 pagina's, maar het zijn 102 zeer beklijvende pagina's over Brouwers' verblijf in het Jappenkamp Tjideng, samen met zijn zus, zijn moeder en zijn grootmoeder. Hij ziet er zijn grootmoeder sterven tijdens één van de vele ‘koempoelans' of appèls, die meerdere keren per dag gehouden werden op een plein in de schroeiende zon. De gevangenen moesten er soms urenlang in stilte rechtstaan of bewegen en geluiden maken zoals een kikker, wat de oude grootmoeder uiteindelijk fataal werd.

Hij zag er ook zijn moeder afgeranseld worden, omdat ze wat rijst had gestolen van een Rode Kruiswagen, die de Jappen met voedsel en al  in brand staken. Daarna, zegt Brouwers, zal hij zijn moeder steeds op een andere manier bekijken, gevoelloos, zoals hij van dan af alles gevoelloos begint te bekijken. De jaren in het Jappenkamp hebben hem duidelijk getekend.

Bij het lezen van een boek heb ik nog nooit geweend, ook nu niet, maar ik moet toegeven dat de tranen nu toch klaarzaten. Dat beloofd voor het derde deel, 'De Zondvloed', het grote meesterwerk van Brouwers. Maar dat is wel iets langer: 789 pagina's. Een beetje geduld dus.

 

Geert Vermaercke (producer Dubbelcheck, Moshi, Friedl') leest 'De Indië-trilogie' van Jeroen Brouwers.

Heeft u dat ook dat een boek 17 jaar op u ligt te wachten om gelezen te worden?
Dat overkwam mij met de Indië-trilogie van Jeroen Brouwers. Het lag 17 jaar op mijn nachtkastje, maar altijd kwam er een boek bovenop te liggen.
Ik kocht het in 1993 naar aanleiding van het bezoek van Jeroen Brouwers aan Het Vrije Westen (voor mensen met een slecht geheugen: dat was een Radio1-middagmagazine dat liep van 1992 tot 1997 en o.m gepresenteerd werd door Bruno Wyndaele). Brouwers was bereid mijn exemplaar te signeren ("Voor Geert, bij onze eerste ontmoeting in de doolhoven van de BRT. Hartelijk. Jeroen Brouwers. Brussel, 14. IX.1993") en ik had het vaste voornemen het onmiddellijk te lezen, zeker omdat een medewerker van het programma maar niet uitgepraat raakte over het werk van Brouwers. Maar toch ben ik er nooit aan begonnen; een ander boek kreeg altijd de voorkeur. Achteraf gezien schandalig natuurlijk, want toch een Nederlandse klassieker die iedereen zou moeten gelezen hebben.
Maar het is er dus nu wel van gekomen. Ik denk omdat ik eindelijk het grote gat dat mijn kennis over de Jappenkampen is, iets kleiner wou maken. Ik heb al een hele bibliotheek verslonden over de Tweede Wereldoorlog, maar dan overwegend over de Europese kant ervan. Wat er zich zoal in Azië afspeelde en hoe schrijvers, die het meegemaakt hebben, er mee om gingen, daar wist en weet ik weinig over.
'Het Verzonkene', het eerste boek van de trilogie heb ik ondertussen uit. 70 pagina's maar!
Het gaat over zijn eerste 2 levensjaren in Batavia. Vooral herinneringen aan zijn moeder en zijn grootvader. Meteen was ik in de ban van het verhaal door de aparte stijl van Brouwers; wat een taalrijkdom heeft die man, met wat een poetische kracht schrijft die man.
Ondertussen ben ik ook al aan deel 2 van de trilogie begonnen: Bezonken Rood. Ik hou u op de hoogte.

 

 

Geert Vermaercke (producer Moshi, Dubbelcheck, Friedl') leest: 'De Bril van God' van Maarten 't Hart

Religie is bijzonder actueel. Nine-eleven zal daar wel iets mee te maken hebben. In Amerika roeren de protestante fundamentalisten zich en wijzen de evolutietheorie af. In Nederland hebben ze vele medestanders en is de EO de grootste omroep. De islam, vooral dan discutabele afgeleiden als jihad en sharia, boezemt ons westerlingen angst in.
In de jaren '50 en '60, de jaren waarin ik opgroeide, was godsdienst een evidentie. Daar werden geen vragen over gesteld. Je liet je dopen (hoe kon je anders als dreumes van een paar maanden oud), je ging netjes met je ouders mee naar de 10-uren-mis op zondag, je ging netje ter communie, als je zeven werd deed je je eerste en als je 12 werd je plechtige communie. Zo was het leven.
Maar eind jaren zestig kwam er een kentering. De evidentie werd in vraag gesteld, eerst voorzichtig, later openlijk en rebels. Lectuur heeft me daar bij geholpen. Ik moet zowat een halve religiebibliotheek verslonden hebben. Tenminste, boeken die mij deden nadenken over god en zijn dienst. Ook de tijdsgeest gaf natuurlijk een duwtje in mijn rug. God was aan het sterven, tenminste toch in mijn familie.
Sindsdien ben ik niet gestopt met het lezen over religie, met als toppunten Pascal Boyer "Godsdienst verklaard" en Karen Armstrong "Een geschiedenis van God". Ik evolueerde van een agnost tot een godsbestrijder: "Hoe kunnen intelligente mensen nog in die onzin geloven"? Iemand die aan mijn zijde staat (het is natuurlijk eerder andersom) is de Nederlandse auteur Maarten 't Hart. In 1997 al schreef hij "Wie god verlaat heeft niks te vrezen", uiterst kritische bijbeloverdenkingen. In 2002 verscheen "De bril van God", baldadige overdenkingen over God, de Bijbel, Christus, de Kerk. Ik heb dat boek nu gelezen.
Maarten 't Hart geeft daarin zijn uiterst kwaardaardige cynische kijk op de bijbel, onder het motto van Stendhal "Als verontschuldiging voor God geldt dat Hij niet bestaat". t' Hart schrijft niet enkel met een vlijmscherpe en zeer erudiete pen, maar vooral met heel veel humor.
Wat betekent de titel? Als God bij de Schepping na de zesde dag heel zelfvoldaan "zag dat het goed was", hoe komt het dan, vroeg een klasgenootje van 't Hart zich luidop in de klas af, dat er zoveel mensen slechte ogen hebben?

 

 

Geert Vermaercke leest: 'De welwillenden' van Jonathan Littell

 

Toen we een pilootuitzending maakten voor Friedl' was Lucas Vander Taelen onze ‘proefgast'. Eén van de boeken die zijn leven hadden beinvloed was 'Les Bienveillantes' van de joods-Amerikaanse schrijver Jonathan Littell, die er in 2006 de Goncourtprijs mee won. Lucas sprak er met zo veel vuur en passie over, dat ik meteen dacht: "Dat wil ik ook lezen".
Meteen was daarmee ook de kracht van het programma bewezen!
Ik ben niet zo'n anderstalige lezer, ik moet dus altijd de Nederlandse vertalingen afwachten. Voor dit boek was dat in 2008. Ik heb het toen onmiddellijk gekocht. Dat het dan nog zo lang geduurd heeft voor ik het ter hand nam, heeft gewoon te maken met de stapel boeken op mijn nachttafel, die mij ook al een hele tijd met lees-mij-vragende ogen liggen aan te staren. Ondertussen hadden al heel wat gasten van Friedl' het boek aangeprezen, bv. ook Herman Brusselmans. Vorige maand ben ik er met grote goesting eindelijk aan begonnen. Een kanjer van 950 pagina's en geen hapklare weglezer. Je moet er enige inspanning voor doen. Maar laat niet alle schoonheid zich pas ontsluieren na een inspanning?
Het is mijn zoveelste boek, zowel fictie als non-fictie, over de Tweede Wereldoorlog, maar dit is één van de meest ‘bouleverserende'. Een boek dat blijft nazinderen, dat in je hoofd blijft spoken!
Volgens Herman Brusselmans is het een boek zonder humor, maar dat spreek ik tegen. Het werk is veel gelaagd; het is een psychologische roman, een historische roman én er zit ook een detective-laagje in. De hoofdpersoon heeft wellicht -maar dat kom je als lezer eigenlijk nooit met zekerheid te weten- zijn eigen moeder en stiefvader vermoord (of geef ik nu al te veel prijs van de plot?). Twee rechercheurs zitten voortdurend achter zijn veren, duiken op als hij het niet verwacht en stellen hem vervelende vragen. Klein voorbeeldje: op het einde van het verhaal, en van de oorlog, bij de val van Berlijn (fantastisch beschreven overigens) wil één van de 2 speurders (Clemens) hem eigenhandig berechten en dan ontspint zich deze dialoog: "Weser is dood. Maar ik heb je te pakken." "Kriminalkommissar Clemens, doe niet zo belachelijk. Honderd meter verder zijn de Russen. Die horen het als u schiet." "Ik zou je hier in die vijver moeten verzuipen, vuile smeerlap, je in een zak naaien en je in het water gooien. Maar ik heb geen tijd." "U bent niet eens geschoren, Kriminalkommissar Clemens en u wilt mijn vonnis voltrekken!"
Daar heb ik toch hartelijk om gelachen ondanks de beschreven stortvloed van miserie, smeerlapperij, moord, verkrachting die de val van Berlijn kenschetsten.
Een wonderbaarlijk boek, moet je ZEKER lezen!

 

 

 

Geert Vermaercke leest: 'Nacht' van de Duits-Joodse schrijver Edgar Hilsenrath

 

"Nacht" is één van de aangrijpendste boeken die ik ooit gelezen heb. Tijdens de vakantie gelezen! Maar niet echt vakantielectuur.

 Het gaat over het Joodse getto in een Oekraïense stadje tijdens WO2. Het getto werd van alles en iedereen afgesneden, zodat de joden er op zichzelf aangewezen waren. Tegen die achtergrond speelt zich het verhaal af, een schrijnend verhaal van een strijd om het bestaan in vergelijking waarmee een kooi uitgehongerde knaagdieren nog een idyllische aanblik biedt.
Want er is niks: geen plek om te slapen, geen gat in de grond om te sterven en in begraven te worden. De vlektyfus heerst, in de goten en de greppels creperen de zieken en uitgehongerden, in de bouwvallen vechten de uitgeteerde overlever om een slaapplaats of de afgetrapte schoenen van een stervende.

 Toen het boek verscheen stemde het de Duitse culturele elite beklemd: deze genreschildering zou het antisemitisme vermoedelijk eerder aanwakkeren dan aan de kaak stellen. Dat komt doordat Hilsenrath het in het geheel niet over schuld en toedracht heeft, moralisme is hem net zo vreemd als sentimentaliteit. Juist daardoor is het effect van zijn roman zo groot. Hij zoekt het absolute nulpunt van de menselijke betrekkingen op, het punt waarop alle emoties tot poeder vriezen.

Grootse literatuur!

 

25/08/2008 10:55

foto>

Jouw reactie:

To prevent automated spam submissions leave this field empty.




Uit in Vlaanderen