"Koerden gaan voor onafhankelijkheid in referendum"

5 april 2017
Het regent referenda de laatste tijd. Eerst was er Turkije, dan Schotland en nu willen de Koerden in Irak ook een referendum over onafhankelijkheid. Geen enkel van deze drie referenda is onomstreden.
Dirk Rochtus © Johan Cappelle

Dirk Rochtus © Johan Cappelle

Het regent referenda de laatste tijd. De Turkse president Recep Tayyip Erdoğan hengelt op 16 april naar de instemming van de bevolking met het pakketje van grondwetswijzigingen die zijn macht moeten vergroten. De Schotse premier Nicola Sturgeon wil een tweede referendum over de onafhankelijkheid van Schotland organiseren. En nu is er ook nog eens Masoud Barzani, de president van de zogeheten Kurdisch Regional Government (KRG), die eind maart tijdens een ontmoeting met Antonio Guterres, de Secretaris-generaal van de Verenigde Naties (VN), een referendum over de onafhankelijkheid van die regio in Noord-Irak aankondigde. 
Geen enkel van deze drie referenda is onomstreden. Het Turkse referendum dreigt de polarisering binnen de maatschappij aan te zwengelen, het Schotse stoot op weerstand bij de Britse premier Theresa May die nog met de Brexit worstelt en het Iraaks-Koerdische werkt als een rode lap zowel op de federale regering in Bagdad als op een buitenlandse die zetelt in Ankara. Volgens Barzani worden de Koerden in dat proces nu niet enkel meer gesteund door ‘de bergen’, maar ook door de VN en Amerika. 

Besmetting 

De initiatiefnemers van elk van de drie referenda spelen met vuur, maar willen zich indekken met de legitimiteit die ze van hun burgers verwachten. Het meest explosieve is wel het Koerdische dossier. Van de Koerden wordt gezegd dat ze de grootste natie ter wereld zijn zonder een eigen staat. De machthebbers van de vier landen waar de Koerden leven – Turkije, Syrië, Irak, Iran – waren nooit opgezet met de idee van een Koerdische staat. De oprichting van zo een staat – zelfs als hij maar een deel van de Koerden omvat – zou de machtsverhoudingen in het Midden-Oosten grondig hebben veranderd. Hij impliceerde immers het uiteenvallen van de ene of andere gevestigde staat en het opduiken van een nieuwe speler in de regio. 
Sommige ‘takken’ van het Koerdische volk proberen autonomie te verwerven binnen het raamwerk van de staat waar ze nu eenmaal toe behoren. De val van Saddam Hoessein bood de Irakese Koerden de kans om een eigen deelstaat in het noorden van het land uit te bouwen en de strijd van Assad tegen de opstandelingen moedigde dan weer de Syrische Koerden aan om Rojava, een ‘sociale confederatie’ van drie kantons aan de zuidgrens van Turkije, op te richten.
De Turkse leiders hebben altijd al met lede ogen naar dat Koerdische nationalisme gekeken, zeker omdat ze de besmetting van hun eigen Koerden vreesden. Met de KRG in Noord-Irak hebben ze zich uiteindelijk verzoend. Ze beseffen dat de rechten van de Irakese Koerden niet meer kunnen teruggeschroefd worden. Bovendien stellen de ‘bazen’ van Iraaks-Koerdistan zich heel wat vriendelijker op tegenover Ankara dan de Koerdische nationalisten van Turkije en Syrië met hun respectievelijke als terroristisch gebrandmerkte organisaties PKK en PYD.

Agenda

Pragmatisme op basis van een goede economische samenwerking overheerst in de betrekkingen tussen Ankara en Erbil, de hoofdstad van Iraaks-Koerdistan. Maar voor hoelang nog? De Irakese Koerden hebben nooit opgehouden van volledige onafhankelijkheid te dromen. Al in 2014 spraken ze er luidop over. Toen dook het gevaar Islamitische Staat (IS) op. De strijd daartegen ging voor. De Pershmergastrijders van de KRG leverden slag met IS en ook de PKK liet zich niet onbetuigd. In Noord-Syrië drongen de gewapende milities van de Syrisch-Koerdische PYD de terroristen van IS terug. Turkse troepen mengden er zich in de strijd, ook met de bedoeling om de uitbreiding van Rojava tegen te gaan. Veel gebieden zijn heroverd op IS. 
Voor Barzani is nu de tijd gekomen om de onafhankelijkheid van zijn Koerdische regio weer op de agenda te zetten, dit tot groot ongenoegen van Turkije. De territoriale integriteit van Irak (en ook van Syrië) moet bewaard blijven, zo luidt het Turkse credo. Voor de opdeling van Irak langs etnische en sektarische lijnen zou de hele regio ‘de prijs betalen’, aldus Ibrahim Kalin, de woordvoerder van Erdoğan, in een reactie op de beslissing van de KDP en de PUK, de twee regerende partijen van Iraaks-Koerdistan, van zondag 2 april om een gezamenlijk comité ter voorbereiding van het onafhankelijkheidsreferendum te vormen. Haider al-Abadi, de premier van Irak, vraagt zich af of de Irakese Koerden daarmee voort kunnen gaan, aangezien ook Turkije, Syrië en Iran zich kanten tegen hun separatisme. Maar de Koerden zijn een zelfbewust volk. Zelfbeschikking beschouwen ze als het ‘natuurlijke recht van de natie’. De Irakese Koerden hezen zelfs hun vlag aan een regeringsgebouw in de stad Kirkoek, die volgens de Irakese grondwet tot de binnen Irak ‘omstreden gebieden’ behoort. De centrale regering uitte haar ongenoegen en werd daarin bijgetreden door Turkije. 
Voor de Koerden is die stad echter het ‘Jeruzalem van Koerdistan’, en daar nemen ze spanningen voor op de koop toe, of het nu met Bagdad is of met Ankara.